Nieuws

Eerste resultaten ‘Duurzaamheid Ambitie 2030’ laten gemengd beeld zien

Gepubliceerd op vr 31 jan 2020
In 2016 sloten PORTIZ, de Zeeuwse Milieufederatie (ZMf) en North Sea Port, met de steun van de Provincie Zeeland, een duurzaamheidsconvenant af.

Hierin staan afspraken over de economische en ecologische ontwikkelingen in Vlissingen, Borsele en Terneuzen, het Zeeuwse deel van de grensoverschrijdende fusiehaven North Sea Port. Op basis van verschillende indicatoren wordt de voortgang gemeten. De resultaten van de eerste monitoring geven een een gemengd beeld weer.

Fijnstof: meten is weten 

De normen van de Wereld Gezondheidsorganisatie voor fijnstof – die strenger zijn dan de Europese regelgeving - worden op basis van achtergrondmetingen in de regio gehaald (< 20 ug/m3). Voor de realisatie van een gezamenlijk meetnetwerk, monitoring en rapportage van prioritaire en cumulerende stoffen lopen de gesprekken. 

Inzetten op duurzaam vervoer 

De omslag naar meer duurzaam vervoer – bijvoorbeeld via spoor en binnenvaart - laat in de laatste meting van 2016 een positieve trend zien (+25%). North Sea Port stelde in 2018 een nieuw monitoringssysteem op om de verdeling over de verschillende vervoersmogelijkheden (spoor, binnenvaart, vrachtvervoer, pijpleiding) in beeld te brengen en dat voor het hele grensoverschrijdende havengebied. 

De verbetering en ontwikkeling van treinverbindingen langs het Kanaal Gent-Terneuzen (het project Rail Gent-Terneuzen) en tussen Vlissingen en Antwerpen staan hoog op de agenda’s. De inzet tijdens de voorbije jaren resulteerde - eind 2019 - in de intentie van de Nederlandse Tweede Kamer om op termijn een spoorlijn te ontwikkelen tussen Gent en Terneuzen. Hiermee is weer een stap gezet in de richting van de realisatie van de spoorlijn. 

Klimaat: vermindering CO2 

Wat de reductie van CO2 betreft, is de doelstelling van 40% in vergelijking met 2005 in zicht. Echter, gezien de toenemende urgentie en nationale ontwikkelingen zoals het (Nederlandse) Klimaatakkoord zal er in een nog hogere versnelling moeten worden geschakeld. 

Buisleidingen en vaargeul 

In 2018 startte er een onderzoek naar uitrol van een grootschalige buisleidinginfrastructuur. Grote hoeveelheden groene waterstof, duurzame elektriciteit en het vervangen of nieuw aanleggen van een flink aantal pijpleidingen in North Sea Port zijn de voornaamste aanbevelingen. Die leidingen zijn van belang om de CO2-uitstoot in het grensoverschrijdende havengebied te verminderen en de transitie naar een circulaire economie mogelijk te maken. 

De maatwerkgeul Wielingen in de monding van de Westerschelde is gerealiseerd. Hierdoor kunnen dieperliggende zeeschepen (tot 17 meter) de havens/dokken in Vlissingen beter bereiken. 

Efficient ruimtegebruik en natuurherstel 

Het efficiënte ruimtegebruik van haventerreinen voor goederenoverslag lag in 2018 nog 3.300 ton per hectare achter op de streefwaarde. De overslag per hectare uitgedrukt in euro’s komt met een toename van 25% wel al boven de doelstelling te liggen. 

De terugkeer van de bever en de otter rondom de kanaalzone wijst in de richting van herstel van natuur in de regio. 

Biogebaseerde grondstoffen en circulaire productie 

Biogebaseerde (hernieuwbare) grondstoffen kunnen olie-gebaseerde grondstoffen vervangen, waardoor de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 kan worden voorkomen. Reststromen, CO2 en afval spelen als waardevolle grondstoffen een sleutelrol in de circulaire economie. Met concrete realisaties en proefinstallaties zijn er al stappen in de biogebaseerde en circulaire productie gezet. Dergelijke projecten hebben echter een lange doorlooptijd om de doelstellingen te halen. 

Enkele voorbeelden. Zo komt er bij het produceren van meststoffen (bij Yara) heel wat warmte en CO2 vrij die worden geleverd aan glastuinbouwbedrijven om hun kassen/serres te verwarmen (bij WarmCo). 
En DOW en ArcelorMittal werken samen voor het hergebruik van CO. 
Bestaande pijpleidingen tussen bedrijven kunnen worden hergebruikt. Zo werd een 12-kilometer lange in onbruik geraakte aardgasleiding (van Gasunie) geschikt gemaakt voor het veilige en efficiënte vervoer van waterstof (tussen Dow en Yara). 
De uitrol van de grootschalige grensoverschrijdende buisleidinginfrastructuur is ook van belang om de CO2 -uitstoot in het havengebied te verminderen en de transitie naar een circulaire economie mogelijk te maken. Bijkomend voordeel: hoe meer transport er via de leidingen kan lopen, hoe minder er over de weg en het water moet gebeuren. 

Toegenomen toegevoegde waarde en werkgelegenheid 

De directe toegevoegde waarde van de havenactiviteiten ligt met 3,6 miljard euro 12,5% boven de doelstelling voor 2030. Ook de directe werkgelegenheid van 16.500 jobs ligt 1.000 voltijdse jobs boven de streefwaarde. Het gunstige economische klimaat draagt hier in belangrijke mate aan bij. 

Ontwikkelingen in de toekomst 

2020 wordt een moment van verdere analyse en herrijking van de doelstellingen uit het convenant Ambitie 2030. Daarbij komen ook de afspraken op het gebied van CO2-reductie in het nationale klimaatakkoord in Nederland. Er wordt ook gekeken naar samenwerking met Vlaanderen, vanwege de fusie van de havenbedrijven sinds 1 januari 2018 tot North Sea Port. Binnenkort komen de partners bijeen om te spreken over de ontwikkelingen die het convenant aangaan. 

Over ‘Duurzaamheidsconvenant Ambitie 2030’: een unieke samenwerking 

In 2016 is het duurzaamheidsconvenant Ambitie 2030 gesloten. PORTIZ, de vereniging van havengebonden bedrijven, heeft hierin afspraken gemaakt met ZMf en North Sea Port. Deze afspraken gaan over doelstellingen op het vlak van economie, schoon milieu, spoor-, water- en buisleidingverbindingen, efficient ruimtegebruik in de haven, natuurherstel en circulaire economie. De projectsecretaris van Ambitie 2030, Geert Mol, geeft aan dat een dergelijk convenant uniek is in Nederland. “Economie, natuur, ecologie en klimaat zijn samengebracht in een breedgedragen convenant, met politieke steun van de provincie Zeeland”. 

Eerste Monitor Ambitie 2030 beschikbaar 

De eerste resultaten, gebaseerd op cijfers tot en met 2018, zijn beschreven in het Gezamenlijk Zeeuws Resultaat.

“De eerste meting laat nog een gemengd beeld zien, maar de partijen zien hun verantwoordelijkheid. De afspraken uit het convenant worden door bedrijven serieus genomen”, aldus Geert Mol. 

Meer lezen? Bekijk dan de eerste resultaten in de monitoring van de Duurzaamheidsambitie 2030. 

Resultaten Duurzaamheidsambitie 2030