Investering in goederen- en personenvervoer van groot belang voor grensoverschrijdend havengebied North Sea Port

Er bestaat potentieel voor personenvervoer per spoor tussen Gent en Terneuzen in de fusiehaven North Sea Port.

Om het economische en maatschappelijke belang van North Sea Port als derde haven van Europa inzake toegevoegde waarde ten volle te benutten, moeten er voor het goederenvervoer een aantal knelpunten worden aangepakt. Dat blijkt uit onderzoek naar de capaciteit van het goederenspoor en het potentieel van personenvervoer in het havengebied.

Potentieel personenvervoer

Uit twee recente studies, uitgevoerd door de ingenieursbureaus GoudappelCoffeng en Mint, blijkt dat het reizigerspotentieel via het spoor tussen Gent en Terneuzen vergelijkbaar is met soortgelijke grensoverschrijdende regionale spoorlijnen. Uit de studies blijkt dat de spoorlijn tussen Gent en Terneuzen een dubbele functie heeft: als voorstadsnet van Gent ter ontsluiting van onder meer de nabije woonkernen Oostakker, de Kanaaldorpen en Zelzate en als ontsluiting van de haven.

Om daadwerkelijk het potentieel aan werknemers van het havengebied aan te spreken, zijn verdere flankerende maatregelen nodig. Algemeen gesproken bestaat er een potentieel van 2 à 3.000 ritten (personen) per dag, ofwel 700.000 tot meer dan 1.000.000 ritten per jaar.

Breed draagvlak voor noodzaak investeringen in grensoverschrijdende spoorinfrastructuur

Met de grensoverschrijdende fusiehaven North Sea Port bestaat de noodzaak voor een sterker en grensoverschrijdend spoornetwerk in het havengebied, voor zowel goederen als personen. In juli 2017 kende Europa een subsidie toe (Connecting Europe Facility) om deze ontwikkeling te onderzoeken. Europa heeft bovendien recent een voorkeursstatus gegeven aan grensoverschrijdende projecten. Bovendien bracht EU-commissaris voor Transport, Violetta Bulc, op zondag 16 september een bezoek aan North Sea Port.

North Sea Port, de gemeente Terneuzen, de stad Gent en de provincies Zeeland en Oost-Vlaanderen zetten met het project Rail Ghent Terneuzen samen in op de verbetering van het spoornetwerk. Dit is gericht op de groei van de haven, de versterking van de duurzaamheid en de economie in de grensregio. Inmiddels is een eerste fase van het studieproject afgerond.

Knelpunten in capaciteit en betrouwbaarheid van goederenvervoer

De ingenieursbureaus Movares en TML onderzochten welke knelpunten er zijn in het huidige spoornetwerk voor goederenvervoer. Daaruit blijkt dat in Nederland de oostelijke goederenspoorverbinding tussen Gent en Terneuzen ontbreekt (“missing link” bij Axel-Zelzate). De Sluiskilbrug wordt rond 2028 een bottleneck: dan kan deze brug het aantal treinen niet langer verwerken.

Ook toont de studie aan dat er in Vlaanderen een capaciteitstekort is op het baanvak ten noorden van de Gentse deelgemeente Wondelgem. Bovendien kennen diverse spoorwegbundels aan beide zijden van de grens capaciteitsknelpunten. In de volgende fase van het onderzoek worden de technische haalbaarheid en kosten van diverse oplossingsrichtingen onderzocht. De resultaten van dit vervolgonderzoek worden begin 2019 verwacht.

Aanpak knelpunten urgent door toenemende groei North Sea Port

In de fusiehaven van North Sea Port (en eerder de afzonderlijke havens van Zeeland Seaports en Gent) is sprake van een fors toenemende groei in goederenoverslag. Ook het eerste halfjaar van 2018 was er sprake van een stijging met maar liefst 11%.

De aanhoudende groei in goederenoverslag van de afgelopen jaren in North Sea Port kan door de bestaande knelpunten op het spoortraject Gent-Terneuzen op termijn niet worden verwerkt via spoorvervoer. De knelpunten worden nog nijpender door de toename van het spoorverkeer in het havengebied van North Sea Port en de doelstelling om de groei vooral te faciliteren met duurzame modaliteiten zoals het spoorvervoer. Investeren in deze grensoverschrijdende spoorinfrastructuur is daarom van groot belang voor de ontsluiting van North Sea Port.

Achtergrond belang van het project

Nederland en Vlaanderen zijn belangrijke logistieke (voor)portalen voor het goederenvervoer van de Noordzee naar het Europese achterland en andersom. De Vlaams-Nederlandse haven North Sea Port heeft een belangrijke positie door de veelheid van goederenstromen over de noord-zuid-as binnen Europa, waarbij gebruik moet kunnen worden gemaakt van alle transportmodi.

Dit grensoverschrijdende havengebied genereert een grote toegevoegde waarde en veel werkgelegenheid met ruim 98.000 jobs, met een diversiteit aan sectoren zoals droge en vloeibare bulkgoederen, stukgoed, containers, ro/ro en automotive en industriële clusters die gebruik maken van vervoer via het spoor. Met een toegevoegde waarde van 14 miljard behoort North Sea Port met de havens van Antwerpen en Rotterdam tot de Europese top drie.

Een optimale bereikbaarheid en goede achterlandverbindingen zijn voor de haven van groot belang. In North Sea Port moeten hiervoor de knelpunten voor goederen- en personenvervoer worden opgelost. Door middel van deze investering in het spoor wordt een enorme boost verwacht in de ontwikkeling van het grensoverschrijdende havengebied en de duurzaamheidsambities van de regio.

Het project Rail Ghent Terneuzen ontvangt cofinanciering van de Europese Unie. De deelnemers aan deze studies zijn respectievelijk North Sea Port, gemeente Terneuzen, Provincie Zeeland, Provincie Oost-Vlaanderen, Stad Gent en Infrabel, NMBS.

Gepubliceerd op ma 8 okt 2018